writer’s block versus het IMF

Deze column las u reeds in het laatste nummer van het tijdschrift
VERZiN (okt-nov-dec 2013). Toch niet? Ha, lees hem dan hier.

In de film Wonder Boys vertolkt Michael Douglas de rol van professor Grady Tripp, schrijver en docent aan de universiteit van Pittsburgh. Het zit de man niet mee. Hij wordt een dagje ouder, zijn vrouw heeft hem verlaten en op zijn bureau ligt een onvoltooid manuscript van 2 500 vellen. Tripp kampt warempel met een writer’s block. Geen wonder dat de man een affaire begint met de vrouw van de decaan, studenten in zijn living laat kamperen en zijn dagen al wietrokend en gehuld in een peignoir slijt.

Barton Fink (de foto hierboven is een still uit deze film), The Lost Weekend, Adaptation, The Shining, Ruby Sparks, Being Flynn, Californication. Telkens als er een schrijver over het witte doek loopt, heeft hij gegarandeerd een writer’s block aan zijn been. Waarom? Wel, denk even mee. Je naam is – voor de vuist weg – Aaron Sorkin en je bent een scenarist die het meent: geen superhelden, sequels of prequels uit jouw pen. Nee, échte personages met échte emoties. Maar omdat je Willam Goldman hebt gelezen, weet je dat de openingsscène zo dicht mogelijk tegen het einde van de film moet aanleunen, en dat een uitgesponnen introductie niet meer van deze tijd is. Dus begin je de film met een man (of vrouw) die tot twee maal toe een pagina uit de schrijfmachine rukt en versnippert, en misnoegd een eind voor zich uit staart terwijl hij aan een sigaret lurkt. Aanschouw de getormenteerde schrijver. Zet er een ingelijste foto naast waarop een lachende vrouw (of man) onbarmhartig met een viltstift werd bewerkt, en je hebt een getormenteerde, gescheiden schrijver. Voeg een lege whiskyfles toe en hopla: een getormenteerde, gescheiden schrijver met een drankprobleem. Laat het drama maar aanrukken! En de titel is niet eens over het scherm gerold.

Niets zo cinematografisch verantwoord als een writer’s block, zei Jeroen Olyslaegers. Is het dan niet meer dan een Hollywood-hersenspinsel? Neen, want Wonder Boys is niet alleen een geestige film, het is een geestige film gebaseerd op een boek van Michael Chabon, een ervaringsdeskundige. Na het succes van zijn debuut begon Chabon vol goede moed aan een ambitieuze roman die Fountain City zou gaan heten. Hij beet er zijn tanden op stuk. Na vijf jaar zette hij de 1 500 pagina’s in een doos op zolder, en begon helemaal opnieuw. Zeven maanden later stond Wonder Boys op papier.

Writer’s block, een verzamelnaam voor een allegaartje van aandoeningen waaraan een allegaartje van oorzaken ten grondslag ligt. Het kan zijn dat je je schrijversmojo bent kwijtgespeeld omdat je kampt met stress/depressies/ldvd/verslavingen (schrappen wat niet past). Maar het is even goed mogelijk dat je in hetzelfde bedje ziek bent als het Internationaal Monetair Fonds: het verhaal zit conceptueel fout, je hanteert vertrouwde maar verkeerde technieken om de meubels te redden, je haalt trukendozen uit de kast met een verstreken houdbaarheidsdatum.

Net als bij het I.M.F. valt de aandoening soms verrassend eenvoudig te remediëren: een draai om de oren en kamerarrest tot het huiswerk af is.

___________
In VERZiN vind je interviews met bekende en minder bekende schrijvers, info over literaire tijdschriften, schrijfcursussen, recensies, en columns van de hand van deze ouwe jongen. Meer info vind je hier

Boekenbeursberichten (slot)

dinsdag 5 november

18u10: late aankomst voor de avondlijke signeersessie met Valerie Eyckmans en Kris Van Steenberge, en dit moet me even van het hart: de fietser wordt stiefmoederlijk behandeld op de Boekenbeurs. Nee, wacht, dit klopt niet helemaal. Het moet zijn: de fietser wordt al jaren stiefmoederlijk behandeld door het stadsbestuur. Antwerpen Expo voorziet amper fietsenstallingen voor haar bezoekers. De Boekenbeurs heeft dit willen rechtzetten door in het grasveldje vooraan extra stallingen neer te poten. Daarmee krijgt de fietser een mooi hindernissenparcours cadeau. Door het slijk! Bukken voor de boom! En – tijdens de nocturnes – het beugelslot sluiten op de tast! De Boekenbeurs wil interactiever worden. Met de fietsenrekken creëerden ze alvast hun eigen Spartacus Run.

19u50: op bezoek: Joke Depuydt, de dame die in het jaar 2003 de meest verlossende woorden uitsprak die een schrijver horen kan, zijnde: “Ik heb uw debuut gelezen en we willen het graag uitgeven.” Het was een fijn weerzien. Ze koopt een boek. Ik hoop van harte dat ze het graag zal lezen.

vrijdag 8 november

16u30: op een nieuwssite lees ik dat de West-Vlaamse Katleen Gyselinck gefêteerd werd als honderdduizendste bezoeker. Naast een oranje ruiker bloemen mocht ze een waardebon voor een vakantieverblijf in ontvangst nemen.Tenzij het een verblijf in Watou betreft, heeft dit cadeau vooralsnog weinig met het vak te maken.
Tja.
Ik begrijp dat Boek.be een boek of boekenbon maar niks vind. Tijdens De slimste mens ter wereld zat Eva Daeleman ook met haar ogen te rollen toen Ben Weyts een boek als mogelijk Valentijncadeau opperde. Maar als je dan toch met vakantieverblijven begint rond te strooien, probeer dan op zijn minst een originele link te leggen. Schenk dan bijvoorbeeld een citytrip naar Gent waarin Herman Brusselmans je op deskundige wijze rondgidst in het Patershol. Is dat geen idee? Of op brouwerijbezoek met Pieter Aspe? De Lesse afvaren met Saskia De Coster? Naar de kinderboerderij met Kristien Hemmerechts? Een weekendje wellness met Joost Vandecasteele?
Het zijn maar ideeën.

zondag 10 november

14u00: laatste signeerbezoek met Kris Van Steenberge en Louis Van Dievel, de man die vorig jaar de Hercule Poirotprijs in de wacht sleepte met het onvolprezen Hof van assisen. Het was behoorlijk druk in onze gang. Waarom werd duidelijk toen ik de stand verliet: Sergio Herman zat in de stand naast de onze. Niet makkelijk, zo te moeten signeren terwijl een cameraploeg én een horde smachtende dames op uw vingers staat te kijken. Ocharme, Sergio.

15u00: mijn Boekenbeurs zit erop. Met een koelkast vol Grimbergen en een schuif vol zakken Lays-chips blik ik tevreden terug.

Boekenbeursberichten (2)

Lang, lang geleden was er eens… een koninkrijkje dat bulkte van de banketbakkers. Jaar na jaar zond de Koninklijke Academie voor Gebak en Suikergoed haar roomboterzonen de wijde wereld in. Van heinde en verre kwamen mensen naar het koninkrijk om hun BMI te ondermijnen met gebakjes, vlaaien en petitfours.

Hoogmis voor elke patisserier was de grote BanketBraderij – kortweg BB genoemd – die jaarlijks in november plaatsvond. Elke zichzelf respecterende bakker had er zijn eigen stand. Vaak stonden mensen in drommen aan te schuiven voor een handtekening en een hapje van ’s lands Bekendste Bakkers.

Dit jaar vierde  de Academie zijn 77ste braderij. Postduiven en herauten vertrokken naar de vier windstreken want voor deze editie moest elke bakker met een nieuwe signature dish op de proppen te komen. En de bakker, hij toog aan het werk.

De opening van de 77ste BB lokte massa’s volk. Doodvermoeid maar apetrots schoven bakkers collegiaal aan om hun creaties op de Koninklijke toontafel te plaatsen. Rijen en rijen roomtaarten vulden het marktplein.  Welk een suikerwerkpracht! Maar wat gebeurde er toen? De bakkers moesten het plein verlaten, alsof ze er niet meer toe deden! Terwijl hellebaardiers hen wegvoerden, weerklonk klaroengeschal en liep de koninklijke hofhouding het marktplein op. Ze schaarden zich rond het taartenbuffet.
Kirrend van de pret telde de koning tot drie… en mikte een macarontoren in het gezicht van zijn majordomus. De majordomus gooide met crème au beurre naar de kroonprins. Toen vloog het gebak alle kanten op.

Het taartengevecht was een groot succes. Barden bezongen het in herbergen en op kermissen. De Academie klopte zichzelf op de borst voor haar PR-stunt. En de bakkers? Zij keken verbijsterd toe hoe hun ambacht te kijk werd gezet in een platte kermisstunt en keerden stilletjes huiswaarts.

Afgelopen maandag werd het wereldrecord Boekendomino op de Boekenbeurs verbroken. ‘Een ode aan het boek,’ noemden ze het daar. Tja. Als het zo zit, wil ik alvast een ideetje voor volgend jaar lanceren: Boekentwister. Vier auteurs op het veld en boekentitels in plaats van kleuren. Omdat er toch geen kat op die panelgesprekken afkomt! Omdat het plezant is! LOL!

Boekenbeursberichten (1)

donderdag 31 oktober

10u45: uitreiking van de Hercule Poirotprijs in de Rode Zaal. Achter me zit een schoolmeisje met haar moeder. Zo te horen moet het meisje bij wijze van huiswerk een verslag van deze uitreiking schrijven. Ik weet dit omdat het kind haar pen vergeten heeft en door haar moeder publiekelijk de mantel wordt uitgeveegd. Moederlief maakt er een heuse vertoning van.

11u10: Aster Berkhof krijgt een prijs voor zijn gehele oeuvre. De 93-jaar-oude schrijver kan de prijs helaas niet komen oppikken omdat hij door zijn knie is gegaan. Uitgever Leo De Haes is er het hart van in. Die man houdt van zijn auteurs.

11u30: vragenronde met de genomineerde schrijvers. Luc Boonen kwam zittend in een boom op het idee voor zijn thrillerdebuut. Misschien zouden meer schrijvers dat moeten doen, in bomen kruipen. Misschien is de actie ‘in elke boom een schrijver’ wel een manier om de ontbossing tegen te gaan. Kanttekening: van welk materiaal maken we de boeken dan?
Laatste rondvraag: hoe is het gesteld met het misdaadgenre in het Vlaamse boekenlandschap? Help, er wordt hier een mening van mij verwacht.

11u45: drommels, collega Dhooge gaat met de prijs lopen. Lukas De Vos blijkt niet alleen een begenadigd laudatioschrijver maar ook een vriendelijke man die mijn boek graag heeft gelezen. Fijn dat te horen. John Vervoort geeft nog steeds les in het eerste jaar van de SchrijversAcademie. Er zijn nog zekerheden in het leven.

13u00: eerste signeersessie bij uitgeverij Vrijdag/Elkedag Boeken. Na afloop – ik had net de signeertafel verlaten – sta ik aan de kassa en zie iemand geïnteresseerd in mijn boek bladeren. Uiteindelijk legt ze het terug. Ik zet meteen de achtervolging in maar raak het spoor bijster.

vrijdag 1 november

15u30: tweede signeersessie bij uitgeverij Vrijdag/Elkedag Boeken. Eerst met Annemarie Estor en Lies Van Gasse. Nadien met de Nederlandse schrijfsters Rita Spijker en Gerda Crouset. De Nederlandse collega’s houden de verkoopstand bij. Voorlopig blijft het één-nul voor Gerda.

15u45: een man in beulskap loopt voorbij met een bijl op zijn rug. Neen, het is geen forumvlaming die alle gesubsidieerde, schrijvende cultuurbobo’s een kopje kleiner wil maken. En neen, ook niet Christophe Van Gerrewey die de Azerty-boekenmachine van Creatief Schrijven wil omhakken. Wel een promomeisje voor de Grijze Jager-boeken.

16u00: Kardinaal Danneels signeert aan de overkant. Ik vraag me af of hij niet geïnteresseerd zou zijn in een boek waarin een paus wordt omgebracht en of een boekenruil een goed idee zou zijn, maar ik word een beetje afgeschrikt door zijn knokploeg.

16u30: uitblazen in de cafetaria, waar ik een klasgenoot van de Middelbare School tegen het lijf loop. Maarten W. is neurochirurg en woont in het verre Limburg. Hij blijkt op de hoogte van mijn schrijverschap en leest zowaar al ’s mijn blog. Ik neem mijn notitieboekje ter hand, vul de datum van vandaag in en zet erbij: “eerste bloglezer gevonden”. Vervolgens vraag ik of hij nikske wil drinken.

Social media & sharing icons powered by UltimatelySocial
Facebook
Instagram